1
kg lamsschouder
1 kokosnoot
4 uien
kerriepoeder
tijmpoeder
laurierpoeder
gemberpoeder
kruidnagelpoeder
300 g rijst
50 g boter
peterselie
zout, peper
cayennepeper
Breek de kokosnoot. Bewaar de melk en rasp het vlees. Schil de
uien en snijd ze in dunne ringen. Snijd het vlees in kleine blokjes.
Verhit 35 g boter in een pan en laat de uien licht kleur krijgen
in de pan. Voeg dan het vlees toe en laat het flink braden. Roer
het af en toe goed om. Als het vlees goed bruin is, doen we er
de geraspte kokosnoot bij en een eetlepel kerrie. Laat ook dit
bruin worden, onder voortdurend roeren met de houten lepel.
Giet er dan de kokosmelk bij en wat van de aromaten: tijm, laurier,
gember en kruidnagel. Zet de deksel op de pan en laat het zachtjes
40 minuten smoren. Kook intussen de rijst. Meng er, als hij klaar
is, de rest van de boter door.
Was wat peterselie en hak die fijn.
Stort de rijst midden op een voorverwarmde schaal, schenk er het
vlees over, bestrooi dit met peterselie en serveer.
|