|
400 g half-om-half gehakt
300 g maïskorrels
50 g paneermeel
3 eetlepels rozijnen
1 theelepel zout
1 theelepel versgemalen zwarte peper
1-2 theelepels paprikapoeder
100-125 g winterwortel
ca. 100 g peultjes, vers of diepvries
5 eetlepels maïs- of zonnebloemolie
1/2 dl rode wijn
1/2 dl bouillon (van tablet mag)
Doe het gehakt in een kom en vermeng
het met de uitgelekte maïs, het paneermeel en de
rozijnen. Breng het geheel met zout, peper en paprikapoeder
op smaak.
Draai van dit mengsel balletjes ter grootte van een
walnoot. Leg ze op een bord.
Schrap de winterwortel; spoel hem af en snijd hem in
dunne repen van maximaal 1/3 cm dik.
Haal de verse peultjes af; was ze en laat ze uitlekken.
Blancheer ze 1 minuut in kokend water.
Verhit de olie in een grote pan en bak de balletjes
snel aan alle kanten bruin op hoog vuur. Schep ze met
een schuimspaan uit de pan en leg ze terzijde.
Doe de wortel in dezelfde pan en bak al omscheppend
tot hij verkleurt. Schep de reepjes wortel ook uit de
pan en leg ze bij het gehakt.
Draai het vuur dan wat hoger; voeg de wijn en de bouillon
toe en doe de gehaktballetjes en wortel erbij.
Stoof nog ca. 8 minuten op laag vuur tot de balletjes
en groenten gaar zijn. Voeg de peultjes de laatste 3
minuten toe.
|