|
Voor 4 personen
1 kg rauwe zuurkool
30 g gedroogd eekhoorntjesbrood
12 grote gedroogde pruimen
250 g runderstoofvlees
250 g varkenshaas in stukken
1 gekookte salami of 1 gekookte en gerookte worst (met look) in
schijfjes gesneden
200 g verse worst
1 koffielepel gemalen zwarte peper
2 laurierblaadjes
10 jeneverbessen
geraspte muskaatnoot
15 cl madera
5 cl wodka
75 g boter
1 eetlepel tarwebloem
zout
Laat het gedroogde eekhoorntjesbrood 2 uur in 25 cl water weken.
Breng de zuurkool 1 minuut aan de kook en spoel deze vervolgens
zorgvuldig onder stromend water. Laat de zuurkool zo goed mogelijk
uitlekken en doe deze vervolgens in een gietijzeren kookpot. Voeg
25 cl water, laurrier, een mespunt muskaatnoot, de jeneverbessen
en de zwarte peper toe. Dek af en laat 25 minuten op middelhoog
vuur koken.
Snij het gezwollen eekhoorntjesbrood in fijne schijfjes en laat
het 1 minuut in het weekwater koken. Bruin in een aparte pan het
stoofvlees en de blokjes varkensvlees gedurende 5 minuten in de
warme boter. Voeg zout en peper toe, bestrooi met de bloem en
laat nog 5 minuten op middelhoog vuur bakken. Roer af en toe met
een houten lepel opdat het vlees niet zou aanbranden.
Verdeel de stukken vlees over de zuurkool alsook de pruimen, het
eekhoorntjesbrood en het kookvocht van de paddestoelen. Dek af
en laat twee uur op een laag vuur sudderen.
Bak de worst in een pan met antikleeflaag. Snijd ze in 8 of 16
stukken. Voeg de worstschijfjes bij de zuurkool. Besprenkel het
geheel met madera en wodka, meng en bedek alles met stukjes salami.
Dek half af en laat nog 30 minuten op een zacht vuur koken. Dien
heet op met aardappelen of puree.
|