|
Deze maaltijd dankt zijn naam aan het feit dat vroeger op lange
zeereizen - op zeilschepen wel te verstaan - soms in tijden geen
haven werd aangedaan en de bemanning dus verstoken was van verse
waar. De inventiviteit van de scheepskoks was groot en ze draaiden
zeer voedzame, gezonde maaltijden in elkaar zonder enige groente
aan boord te hebben.
Wij zitten niet op zee en voegen dus voorzichtig wel wat groens
toe in de vorm van preitjes.
400 g gedroogde kapucijners
of 2 blikken kapucijners (nettogewicht ca. 850 g)
zout
1 prei
3 uien (ca. 200 g)
200 g ontbijtspek
1 eetlepel boter
200 g pekelvlees (plakjes)
1 blik cocktailworstjes (nettogewicht ca. 400 g)
5 zoetzure augurken
1 klein potje zoetzure bietjes (nettogewicht ca. 320 g)
1 klein potje zilveruitjes (nettogewicht ca. 320 g)
mosterd
piccalilly
De gedroogde kapucijners wassen en in ruim koud water een
nacht laten weken. De kapucijners in het weekwater aan de
kook brengen en in ca. 1 1/2 uur zachtjes gaar koken.
Na ca. 1 uur pas zout toevoegen.
De prei schoonmaken en het witte en lichtgroene gedeelte in
heel smalle ringen snijden. De uien pellen en in ringen snijden.
Het ontbijtspek in reepjes snijden. De kapucijners in het
kookvocht door en door verwarmen (of de kapucijners in blik
in hun vocht door en door verwarmen).
Intussen in een koekenpan de boter verhitten en hierin het
spek uitbakken. Het spek met een schuimspaan uit de pan nemen
en in een schaaltje doen.
In het achtergebleven spekvet de uiringen goudbruin bakken.
In een schaaltje doen en warm houden.
Boven een steelpan de cocktailworstjes afgieten. De worstjes
in een schaaltje doen. Het vocht aan de kook brengen en hierin
het pekelvlees verwarmen.
De augurken in plakjes snijden. De bietjes en zilveruitjes
afgieten. De augurken, de bietjes, de zilveruitjes, de mosterd
en de piccalilly in aparte schaaltjes doen
De kapucijners afgieten, de prei erdoor mengen en in een grote
kom doen. Alles op tafel zetten. Iedereen stelt aan tafel
zijn eigen maaltijd samen.
Zorg voor voldoende warmhoudapparatuur (rechauds; theelichtjes
mogen ook!). En ook voor verwarmde borden.
Wat kunt u nog meer op tafel zetten?
- dobbelsteentjes zeer krokant gebakken mager
spek
- reepjes paprika in het zuur
- snippers ui, met snippertjes appel en kerrie gefruit
- plakjes hardgekookt ei met een sausje van mosterd en room
- appelmoes met wat gember erdoor
- blokjes gekookte ham of casselerrib, vermengd met geraspte mierikswortel
en wat azijn
- rauw bloemkoolroosjes met een sausje van mayonaise en wat mosterd
- geraspte worteltjes, met citroensap en een snufje suiker aangemaakt
- blokjes zachte, rijpe handpeer met wat citroensap
- plakjes tomaat, heel zacht in wat olie gestoofd met zout en
paprikapoeder
- komkommersla
- kleine stukjes schouderkarbonade, besprenkeld met sojasaus en
citroensap, en even
gebakken
- kleine balletjes gehakt, zeer pikant aangemaakt met geraspte
ui, zout, peper en wat tabasco, en daarna gebakken.
|