|
Voor 4 personen
Voor de pannenkoeken:
110 g bloem
2,25 dl melk
1 ei
1 eierdooier
1 eetlepel olie
peper
zout
1 eetlepel maanzaad
olijfolie
Voor de vulling:
1 kilo gemengde paddestoelen (beukenzwam, shii-take, mai-take,
Parijse champignons, eekhoorntjesbrood...)
1 sjalotje, gesnipperd
1 teentje knoflook, gesnipperd
2 eetlepels gesnipperde basilicum
2 eetlepels gesnipperde bielook
1 eetlepel gehakte koriander
250 g kipfilet
1 ei
2 dl room
Voor de portsaus:
1 sjalotje, gesnipperd
1 teentje knoflook, gesnipperd
1 stengel bleekselder, gesnipperd
1 takje tijm
1 laurierblad
2 dl port
1 dl madeira
1 dl kalfsbouillon
boter
Voor het garnituur:
100 g bereide ganzenlever
60 g parmezaan, versgeraspt
boleten- of truffelolie
een takje groen
Verder:
4 soufflé- of cakevormpjes
Zeef de bloem, kruid met peper en zout. Maak een kuiltje in
het midden. Doe er het ei, de eierdooier, melk en olie in.
Meng vanuit het midden tot een glad beslag. Voeg er het maanzaad
aan toe. Bak van het beslag 4 pannenkoeken (doorsnede 20 cm)
in hete olijfolie.
Borstel de paddestoelen droog schoon. Snij het steeltje bij.
Snij de grotere exemplaren van de resterende paddestoelen
kleiner. Hou een kwart apart voor later gebruik. Bak de sjalot-
en knoflooksnippers in hete olijfolie. Draai het vuur hoger
en doe er de paddestoelen bij. Meng er de verse kruiden, peper
en zout door. Laat daarna uitlekken in een vergiet. Vang het
stoofvocht op.
Snij de kipfilet in stukjes en mix deze tot mousse in de
blender. Doe er, al mixend, het ei bij en daarna geleidelijk
de room. Kruid met peper en zout. Meng de uitgelekte paddestoelen
door de mousse.
Beboter 4 soufflé- of cakevormpjes. Leg er losjes
een pannenkoekje in. Vul met paddestoelenmousse en sla de
overhangende randen naar binnen. Wikkel ze in plasticfolie
en stoom ze 30 minuten boven een bodempje heet water.
Smelt wat boter en fruit er de sjalot-, knoflook- en bleekseldersnippers
in. Doe er de tijm en laurier bij. Giet er de port en madeira
bij en laat op hoog vuur 1/4 inkoken. Doe er de bouillon bij,
laat opnieuw inkoken en giet door een zeef. Klop er blokjes
koude boter door en hou deze saus warm.
Schep hoopjes parmezaan in een flensjespan en druk ze plat.
Bak ze goudbruin. Bak de rest van de paddestoelen kort in
hete olie. Meng er op het einde van de baktijd blokjes ganzenlever
door. Ontvorm de timbaaltjes in het midden van ieder bord.
Werk af met saus, paddestoelen, parmezaankoekjes en een takje
groen. Druppel er wat boleten- of truffelolie over en serveer.
|