|
200-250 g mager ontbijtspek in plakken van ca. 1/2 cm
1 middelgroot tam konijn, in stukken
1/2 liter kippen- of vleesbouillon (van tablet mag)
2 eetlepels bloem
zout
1 theelepel zwarte peper
3 dl kookroom
1/2 dl witte wijn
2 eetlepels veenbessencompote
4 radijsjes
Snijd het spek in reepjes en bak deze in een grote
braadpan knapperig uit. Neem het spek uit de pan en leg het apart.
Giet het vet op een laagje na weg. Verhit het
vet opnieuw en bak het konijn in porties aan alle kanten goudbruin.
Schenk de iets verwarmde bouillon erover en laat
het konijn, afgedekt, op matig vuur in ca. 45 minuten gaar worden.
Neem het konijn uit de pan en houd het vlees warm.
Vermeng de bloem met zout en peper en roer dit
geleidelijk door het overgebleven braadvocht in de pan.
Voeg de room en wijn toe en breng de saus nog
even tot het kookpunt. Temper het vuur en laat de saus iets inkoken.
Roer de compote erdoor en voeg het spek toe.
Serveer het konijn met de saus en garneer met tot bloemen
uitgesneden radijsjes.
|