|
(ca. 30 stuks)
deeg:
1 1/8 liter water
1 theelepel zout
440 g maïsmeel
1 liter koud water extra
4 eetlepels geraspte cheddar
1 groene bakbanaan, 10 minuten gekookt, geprakt
ca. 125 g tarwebloem
vulling:
3 eetlepels boter
1 middelgrote ui, fijngehakt
500 g rundergehakt
2 middelgrote tomaten
1/2 groene paprika, fijngehakt
1 kleine Spaanse peper, van zaad ontdaan en fijngehakt
1 eetlepel uitgelekte kappertjes, fijngehakt
8 groene olijven, fijngehakt
1 eetlepel pitloze rozijnen, fijngehakt
1/4 theelepel versgeraspte muskaatnoot of nootmuskaat
zout, versgemalen zwarte peper
7 1/2 dl - 1 liter plantaardige olie om te frituren
Voor het deeg: Meng 1 1/8 liter water
met zout in een pan en breng dit aan de kook.
Meng het meel met 1 liter koud water en voeg dit langzaam
toe aan het kokende water.
Laat dit, al roerend, zachtjes pruttelen tot het mengsel
begint te binden en al bijna een deeg vormt. Neem de
pan van de warmtebron en laat afkoelen. Roer er kaas,
banaan en zo veel bloem door dat een soepel deeg ontstaat.
Voor de vulling: Smelt de boter in een koekenpan bij
matige warmte en fruit hierin de ui glazig. Voeg het
gehakt toe en bak dit bruin. Doe tomaten, groene paprika
en Spaanse peper erbij en laat dit 10-15 minuten pruttelen
tot de vloeistof geheel verdampt is. Voeg kappertjes,
olijven, rozijnen, nootmuskaat en naar smaak zout en
peper toe en meng dit alles goed door elkaar.
Leg een opgehoopte eetlepel deeg op een vochtige doek
en rol dit uit tot 5 mm dikte. Leg een eetlepel vulling
op de ene helft van het rondje, vouw het dubbel en zet
de kanten vast door er met een vork op te duwen. Verwerk
op deze manier de rest van het deeg en de vulling.
Verhit de olie in een pan tot ca. 185 °C. Frituur
de empaná hierin aan alle kanten goudbruin. Laat
ze uitlekken op keukenpapier.
Warm opdienen.
|