|
1 bosje lente-uitjes
stukje gemberwortel (25 g)
500 g rundermergpijpjes
250 g runderpoelet
10 zwarte peperkorrels
zout
Vietnamese vissaus (Nuoc mam)
150 g taugé
150 g mihoen
rode-peperpasta (zie recept)
1 klein schaaltje met korianderblaadjes
Snijd 2 lente-uitjes in stukjes (ook het groen).
Schil de gemberwortel.
Zet de mergpijpjes en de poelet met 2 lente-uitjes,
de gemberwortel en de peperkorrels op in 1 1/4 liter koud water.
Leg een deksel half op de pan, breng het geheel aan de kook en
laat de bouillon 4 uur zachtjes trekken. Zeef de bouillon door
een vochtige doek die in een zeef is gelegd. Breng de bouillon
op smaak met zout en Vietnamese vissaus.
Trek met twee vorken de poelet uit elkaar tot
draadjes. Snijd de rest van de lente-uitjes diagonaal in ringen.
Kook de taugé 1 minuut in kokend water.
Leg de mihoen in kokend water en laat deze in een paar minuten
zacht worden.
Verdeel de mihoen, het draadjesvlees, de lente-uitjes
en de taugé over 4 soepkommen en schep de bouillon erover.
Voeg aan tafel naar smaak Vietnamese vissaus,
rode-peperpasta en koriander toe.
|