|
400 gr middelgrote rauwe garnalen
3 stengels citroengras
2 teentjes knoflook
2 theelepels gehakte korianderwortels
1,5 cm verse Kha gember aan een stuk
2 verse rode chilipepers
4 kleine verse groene chilipepers
4 Kaffir-limoenbladeren
75 ml (6 eetlepels) plantaardige olie
25 ml (2 eetlepels) vissaus
25 ml (2 eetlepels) limoensap
verse korianderbladeren
Pel de garnalen, maar laat de staart zitten. Bewaar
de koppen en de schalen. Snijd het citroengras in kleine stukjes
en plet ze voorzichtig met het heft van een mes. Doe de knoflook,
korianderwortel en peperkorrels in een vijzel en stamp totdat
het een zachte gladde massa is.
Snijd de gember in plakjes, snijd de pepers in
erg dunne ringetjes en scheur de limoenbladeren in stukjes.
Verwarm de olie in een steelpan, voeg de garnalenkoppen
en schalen toe en bak ze al roerend 3 tot 4 minuten. Voeg dan
1,5 liter water toe en breng het aan de kook. Doe de pan dicht,
zet het vuur zachter en laat het 10 minuten sudderen. Giet de
vloeistof door een fijne zeef in een nieuwe steelpan en breng
het opnieuw aan de kook.
Roer de kruidenmassa er door heen en voeg dan
het citroengras, de gember, limoenbladeren en garnalen toe. Breng
het weer aan de kook en laat het ongeveer drie minuten koken,
voeg dan de vissaus, limoensap en pepers toe. Roer het geheel
goed door elkaar en garneer het geheel met stukjes korianderblad.
|