|
(6 pers.)
deeg:
250 g bloem
4 eetlepels suiker
75 g boter
2 eieren
boter en bloem voor de vorm
vulling:
75 g krenten
15 cl wodka
3 aardappelen
6 eieren
125 g suiker
350 g uitgelekte verse kaas (MonChou)
30 g gekonfijte sinaasappelschil
1 zakje vanillesuiker
50 g poedersuiker
Doe de bloem in een kom en voeg de suiker
toe. Snijd de boter in kleine blokjes en voeg die aan
de bloem toe. Breek de eieren in de kom en kneed alles
snel met de vingers door elkaar. Maak een bal van het
deeg en laat deze bal 30 minuten koel rusten.
Week intussen de krenten in de wodka. Schil de aardappelen,
snijd ze in stukken en laat ze 20 minuten koken in gezouten
water. Giet ze af en laat ze goed uitlekken. Prak ze
daarna fijn met een vork.
Beboter en bebloem een ronde vorm met hoge randen. Rol
het deeg met een deegroller uit op een met bloem bestoven
werkblad en leg de deeglap in de vorm.
Breek de eieren en scheid de witten van de dooiers.
Klop de dooiers met de suiker totdat ze een schuimige
massa vormen. Voeg de verse kaas en de geprakte aardappelen
toe en meng door elkaar.
Snijd de gekonfijte sinaasappelschil in kleine stukjes
en voeg die samen met de vanillesuiker, de krenten en
de wodka toe aan het eimengsel. Roer stevig door elkaar.
Verwarm de oven voor op 180 °C.
Klop de eiwitten stevig en spatel dan het eiwit voorzichtig
door het mengsel. Giet het geheel op het deeg in de
vorm.
Bak 40 minuten. Haal de taart uit de oven en laat hem
afkoelen.
Haal de taart uit de vorm en bestrooi hem met poedersuiker
en dien op.
Opmerking: deze taart is heel machtig.
Serveer hem na een weinig voedzame maaltijd of in de
middag met koffie.
|