|
Injera is een soepel, licht gefermenteerd plat brood (meer een
pannenkoek) dat typisch is voor Eritrea en Ethiopië. Het
wordt altijd bij Doro Wat (zie recept) geserveerd. De bedoeling
is dat u de kip in stukken injera wikkelt en ze zo oppeuzelt.
Injera wordt van teff gemaakt, een gierstsoort. In dit recept
werd de teff vervangen door tarwemeel.
Een kop is een maatbeker van 2,4 dl. U kunt deze
maatbekers kopen in winkels zoals Blokker.
1 3/4 kop witte bloem
1/2 kop zelfrijzend bakmeel
1/4 kop tarwebloem
1 pakje droge gist
6 dl warm water
1/2 theelepel baksoda
1/2 theelepel zout
Meng de verschillende soorten bloem, het zelfrijzend
bakmeel en de gist in een glazen kom. Voeg het warme water toe
en meng alles tot een tamelijk dun, glad deeg. Laat het mengsel
gedurende 3 dagen op kamertemperatuur rusten. Roer het mengsel
een keer per dag.
Na drie dagen voegt u de baksoda toe en laat u
het beslag nog 10 tot 15 minuten rusten. Verhit een tefalpan met
een doorsnede van 22 cm. Als de pan heet is giet u er 1/3 kop
van het beslag in een keer in. Zorg ervoor dat de volledige bodem
van de pan bedekt is.
Injera wordt maar aan één kant gebakken
en de bodem mag niet bruin worden. Als al het vocht verdampt is
en er een heleboel "gaten" in de injera verschijnen,
haalt u het brood uit de pan en laat u het afkoelen.
Als de eerste injera niet helemaal gaar blijkt
te zijn, kunt u proberen minder beslag te gebruiken (1/4 kop)
en het brood iets langer te bakken. Let er echter op het niet
te lang te bakken.
Injera moet zacht en gemakkelijk te vouwen zijn,
zodat het kan worden opgerold als een pannenkoek.
|